In Rotterdam

    Home
Up

E-mail :

 

De Brandweer van Rotterdam was zondermeer de grootste klant van Kronenburg. In de volgende bijdrage van brandweerhistoricus Ton van Eijsden is de geschiedenis van de Rotterdamse Triomphs opgetekend.

In 1953 introduceerde de firma Kronenburg te Hedel een speciaal ingerichte en aangepaste Volkswagen bestelauto met daarin ondergebracht een draagbare Kronen­burg motorspuit met een capaciteit van 800 l/min. bij 8 bar of 1000 l/min. bij 6 bar. Dit voertuigje, dat was ingericht voor het vervoer van 6 à 7 personen, waarvan er 3 of 4 plaats konden nemen op een zitbank in het middengedeelte, was onder meer uitgerust met dubbele naar buiten scharnierende deuren aan zowel de rechter- als de linkerzijde. Bovenop het dak was een ladderrek gemonteerd voor een tweedelige aluminium schuifladder met een ingescho­ven lengte van 3,5 meter, aan weerszijden waarvan een zuigbuis-goot was bevestigd, plaats biedend aan twee 4" zuigslangen.

Dit kleine en vooral goedkope blusvoertuig, dat door genoemde firma werd geïntroduceerd onder de naam "Kronenburg-Triomph" bleek ook de belangstelling van de Rotterdamse brandweer te hebben opgewekt, want in maart 1954 werd een dergelijk voertuig gestationeerd op het Rotterdamse deel van het eiland Rozenburg [NN-60-69].

 

 

Deze "Kronenburg-Triomph" bleek zo goed te voldoen dat ter vervanging van 23 in de periferie geplaatste en wat moeilijk vervoerbare baby-motorspuitjes in 1954 besloten om nog zes van deze Volkswagen bestelauto's aan te schaffen, nu echter uitgerust met twee kleinere, draagbare Baby motorspuitjes van Kronenburg met een capaciteit van 400 l/min. bij 6 bar.

Deze zes voertuigen werden K(leine)-wagens genoemd en kwamen in 1955 in dienst. Alhoewel ze in principe bestemd waren voor de randge­bieden van de stad werden een aantal aanvankelijk nog geplaatst in de kazernes van het beroepsgedeelte. Deze voertuigen kregen de volgende nummers en kentekens;

K2 = PA-44-11 K3 = PA-44-00 K4 = PA-44-10   K5 = PA-44-26
K6 = PA-43-99 K7 = PA-44-04    

De te Rozenburg geplaatste Volkswagen, die in plaats van de grotere motorspuit later ook twee kleine draagbare motorspuitjes kreeg, had het ontbrekende nummer K1.

Ondanks het feit, dat in 1956 verder geen grote aanschaffingen plaats vonden was dit jaar materieel-technisch toch van historische betekenis, omdat de slangenwagens van de vrijwillige brandweer werden afgevoerd. Ze hadden een te kleine actieradius, misten elke motorische kracht en pasten niet meer in het moderne stadsbeeld. Ondanks het feit dat ze uitstekend verspreid stonden opgesteld en de vrijwillige bluseenheden in staat stelden met relatief eenvoudige middelen een brand te blussen was deze methode van brandbestrijding achter­haald door de moderne blustechnieken en met name door de nieuwe nevelblusmethode.

Het afstoten van de slangenwagentjes betekende echter wel dat een niet onbelangrijke hoeveelheid materieel in de stad wegviel, met als gevolg, dat de vijf grote brandweerwagens (G-wagens) (de zesde was reserve) onvoldoende bleken om de gehele taak over te nemen.

Aangezien het op dat moment financieel niet haalbaar was om nog zes G-wagens aan te schaffen werd gezocht naar een goedkopere oplossing.
Het succes van de nevelblusmethode en het gegeven, dat in circa 80% van het aantal uitrukken met minder materieel en/of bluscapaciteit dan de G-wagens boden kon worden volstaan, waren de overwegingen die uiteindelijk leidden tot een uiterlijk sterk op de K-wagens gelijkende Volkswagen bestelauto.

Deze N(evelblus)-wagen was uitgerust met een door Kronenburg geleverde Meyers-hogedrukpomp met een capaciteit van 80 l/min bij 40 bar, een tank met een inhoud van 150 liter water, twee aanvalshaspels, een kleine hoeveelheid gereedschap, waaronder een ramoneur, slangen en een opzetstuk om de tank te kunnen vullen. Op het dak werd nog een schuifladder meegevoerd.

In 1956 werd een krediet verleend voor de aanschaf van acht van derge­lijke N-wagens, die in de posten van het beroepsge­deelte zouden worden geplaatst.

De eerste N-wagen, de N1 [RF-51-44] kwam in juni 1957 in dienst en werd gestatio­neerd op de post Zaagmolenkade. Deze post was (en is nog steeds) de post met het grootste aantal uitrukken. De overige zeven N-wagens kwamen in juni 1958 in dienst met de volgende nummers en kentekens;

 N2 = RF-11-23 N3 = RF-11-26 N4 = RS-51-11 N5 = RF-09-89
N6 = RF-11-24 N7 = RF-09-78 N8 = RF-11-25  

Naar aanleiding van dit alles werden 50 bewaarplaatsen van het blusmaterieel, de zogenaamde brandspuithuisjes, aan de Dienst Gemeentewerken overgedragen.

Enkele huisjes bleven dienst doen als brandspuithuisje in de periferie van de stad of als vergaderlokaal in sommige bluskringen.

De zes reeds beschikbare Volkswagen bestelauto's met elk twee draagbare motorspuitjes, bestemd voor de periferie van de stad waren in 1955 als K-wagens in gebruik genomen.

Eén werd er geplaatst in Pernis, één in Hillegersberg en drie werden tijdelijk geplaatst op de posten van het beroepsgedeelte. De zesde K-wagen was reserve.

In 1956 werden behalve de al genoemde acht N-wagens ook nog drie nieuwe K-wagens met elk twee 400 liter-pompjes besteld. Bovendien werden nog vijf van deze kleine motorspuitjes besteld, alsmede drie zogenaamde "sulky's". Dit waren lichte aanhangertjes voor het transport van één zo'n spuitje.

De twee andere spuitjes zouden in de op Rozenburg geplaatste K-wagen worden geplaatst, die daarmee qua uitrusting gelijk werd aan de andere K-wagens. De uit dit voertuig afkomstige grotere motorspuit werd vervolgens op een nieuw aangeschafte aanhangwagen geplaatst en ging als motorspuitaanhan­ger naar Hoek van Holland.

De drie nieuwe K-wagens kwamen in de tweede helft van 1957 in dienst met de nummers en kentekens;

K8  = RA-81-11 K9  = RF-09-79 K10 = RF-56-72  

In 1957 kregen naast de bluseenheden te Pernis en Hillegers­berg ook de bluseenheden te Terbregge, IJsselmonde, Hoogvliet en Hoek van Holland een K-wagen.

Eén K-wagen had de bluseenheid op het eiland Rozenburg, terwijl er één reserve was bij de Materieeldienst. De twee resterende K-wagens stonden dat jaar nog op de posten Westzeedijk en Brielselaan.

Na aflevering van de N-wagens kreeg ook de bluseenheid Zuid­wijk/Pendrecht een K-wagen, doch die te Hoogvliet werd vervangen als gevolg van de opening van de nieuwe beroepspost al­aar. In 1959 zou de bluseenheid op de Heyplaat tenslotte nog een K-wagen krijgen, ter vervanging van de laatst overgebleven slangenwagen. 

 

Een Rotterdamse VW brandweerbus die omgebouwd is tot compressor wagen
 om de persluchtflessen te vullen

Een Kronenburg VW bus (nummer O1) v.d. Brandweer Rotterdam uit de mid-60-er jaren

Rotterdamse T1 (foto: Jaap van Zomeren)

Na de T1-'s had de brandweer van Rotterdam ook T2-'s in gebruik)
(foto: Jaap van Zomeren)